Frontaal
Naakt
17 april 2007

Echte mannen

Peter Breedveld

6010 (150k image)
Illustratie uit Dave Coopers Overbite.

Gottegod wat een gemekker over de film 300, mensen. Dat die geweld verheerlijkt, en dat het eigenlijk propaganda voor een Amerikaanse invasie van Iran is, en dat het fascistoïde is, en dat de Perzen – lees de Iraniërs – er zo schandelijk racistisch in worden geportretteerd en o ja, dat er historisch allemaal natuurlijk niks van klopt want het ging er in het echt heel anders aan toe bij de slag van Thermopylae.

Maar 300 gaat helemaal niet over Iran en Amerika, of the war against terrorism en zelfs niet over Spartanen en Perzen. 300 gaat over mannen die bereid zijn te vechten voor hun idealen en ja, daar heb je alle linkse geitenbreiers natuurlijk in no time mee in de gordijnen. Vechten voor je vrijheid, je moet er niet aan denken. Dat is maar barbaars en wat heb je er eigenlijk aan, aan vrijheid? Eigenlijk zijn we veels te ver doorgeschoten met die vrijheid van ons want we gebruiken haar maar om gouden bikini’s aan de man te brengen, porno-parties te organiseren en schaamlippen te corrigeren. Eigenlijk kunnen we die vrijheid dus maar beter op een presenteerblaadje aan de vijand aanbieden, dan bezeert niemand zich en krijgen we er ook nog eens een stevige portie normen en waarden voor terug.

Mijn goede vriend Max J. Molovich vindt 300 een ‘verderfelijke en geweldsverheerlijkende’ film. Met instemming citeert hij filmcriticus Dave Denby van the New Yorker, die 300 beschouwt als het product van ‘a culture slowly and painfully going mad’.

Ach ja, Max Molovich. Begrijp me goed, Molovich is een hele sympathieke gozer, hij schrijft onderhoudende stukjes en eerlijk is eerlijk, grappiger fotobijschriften las ik nooit, maar wat heb je aan zo’n man als het er echt op aankomt? Wat heb je dan eigenlijk aan de gratuite grappenmakers van Panzerfaust? Ze zullen een paar relativerende grappen maken, die opeens helemaal niet meer zo leuk blijken te zijn en poetsen dan de plaat. Dan sta je mooi in je eentje tegen een overmacht aan Orks en dan ga je d’r aan en daarna je vrouw en kinderen. Nee, geef mij maar koning Leonidas: ‘Give them nothing! But take from them everything!’

Max steekt het onder andere dat 300 geen humor zou hebben. Man, 300 barst van de humor! Als de Spartaanse koning Leonidas met zijn driehonderd soldaten op weg is naar Thermopylae om daar een overmacht aan Perzen het hoofd te bieden, krijgt hij onderweg versterking van de Atheners, wier aanvoerder een denigrerende opmerking maakt over de handvol soldaten die Leonidas bij zich heeft. Daarop vraagt Leonidas aan een aantal Griekse strijders wat hun beroep is. “Pottenbakker”, zegt de één. “Beeldhouwer”, zegt een ander. Alleen de didgeridoospeler ontbreekt er eigenlijk nog aan. Leonidas grijnst minzaam. “Ik heb meer soldaten bij me dan jij”, zegt hij tegen de Griekse aanvoerder.

Wat nou, geen humor?

Of als Leonidas tegenover de Perzische god-koning Xerxes staat, nadat de Spartanen al enige duizenden Perzen hebben afgeslacht. “Jullie zijn een fascinerend volk, we zouden veel kunnen leren van elkaars cultuur”, zegt Xerxes. “Misschien is het je ontgaan”, antwoordt Leonidas, “maar we hebben onze cultuur de hele morgen al met jullie gedeeld.”

Mwoehaha!

Een film over echte mannen die doorpakken, dat is ook wel eens lekker in ons verwijfde werelddeel waarin iedereen maar lult en jammert tot-ie een ons weegt en niemand wat doet. Onze leiders weten niet hoe snel ze elke jurk en baardaap met issues moeten tevredenstellen. Wijn van tafel, naakt van de muur, varkens uit de logo’s, vrouwen met zachte dwang naar de keuken manoeuvreren en maar wauwelen over respect.

Daar moet je bij Koning Leonidas niet mee aankomen. Als zich bij hem een Perzische boodschapper meldt die hem de schedels van afgeslachte Spartanen voor de voeten gooit, zijn vrouw beledigt en op hoge toon onderwerping (‘submission’) komt eisen (Leonidas: ‘Submission?’ Boodschapper: ‘Yes, submission’) trekt Leonidas zijn zwaard. “Hey! Respect, man!” probeert die boodschapper nog. “Zo gaan we in Griekenland en Perzië niet met elkaar om!” Griekenland? Perzië? Wat heeft Leonidas daarmee te maken. “THIS! IS! SPARTAAAH!!!” brult hij, voordat hij de boodschapper een doodsschop geeft, zo een diepe put in. Daar zou de gemeenteraad van Tilburg eens een voorbeeld aan moeten nemen.

Heerlijke film, en een lust voor het oog. De belichting en het surrealistische decor deden me sterk denken aan de griezelfilms van Jacques Tourneur en Val Lewton. Trouwens een ander bezwaar van veel critici: dat het allemaal computergegenereerd is. Nou fucking en? Hebt u soms liever bordkartonnen decors of, erger nog, die achtergrondprojectie die veel, overigens sublieme Hitchcockfilms zo onverteerbaar maken?

De gevechten zien er fantastisch uit. Het is net ballet, met lichamen die, in harmonieuze constellatie, in slow motion om elkaar heen draaien, waarna de afgehakte ledematen en hoofden door de lucht zweven. Elk frame laat een perfecte compositie van kleur en vorm zien. Over elk detail is nagedacht, bijvoorbeeld over de speerpunten waarvan het bloed in een fractie van een seconde wordt afgeschud, waarna ze weer goudglanzen als nieuw.

300, dames en heren, is een meesterwerk. Een heerlijke orgie van testosteron en adrenaline. Een onbeschaamde lofzang op heldenmoed en mannelijkheid. Ik vond het heerlijk, bevrijdend zelfs. Het is een beetje alsof je uit de kast komt. Man zijn, het mag weer. Of het mag eigenlijk helemaal niet, maar daar hebben we gewoon lekker schijt aan.

“This is where we hold them! This is where we fight! This is where they die!”


Reacties gesloten. Mail de redactie.

« home