Frontaal
Naakt
6 september 2008

De verwerkingstherapeut

Frans Smeets

Mata-Hari_1 (84k image)

Bij verhalen over dieren moet je altijd voorzichtig zijn. Voordat je het weet hangen er een paar dierenvrienden in je nek te hijgen of een grootgebruiker van de kiloknaller is bang dat ik hem van zijn steak kom beroven. Ik wil het eens gaan hebben over het vreemde fenomeen van de dierenarts.

Oorspronkelijk was een dierenarts (enkele dwazen daargelaten) vooral gericht op het creëren van een gezonde veestapel en was het huisdier vooral een bijzaak waar incidenteel eens naar gekeken werd. Een zieke hond werd met een spade de nek gespiest en de pasgeboren katjes verzopen in lauw water. Gewoon zoals het hoort. Het houden van slangen, hamsters, muizen, ratten, wasberen, hagedissen, kortom, alles waar we onze menselijke eenzaamheid mee denken te kunnen bestrijden, was vooral weggelegd voor wegkwijnende psychiatrische patienten. Kortweg, een gezonde verhouding tussen mens en dier in een cultuur van overleven.

De moderne dierenarts is echter van een heel andere soort en haalt afhankelijk van het aantal agrarische bedrijven veel geld op bij de particuliere dierenknuffelaar. Veel moderne dierenartsen hebben zich de laatste dertig jaar zelfs geheel toegelegd op het redden van de cavia van onze kinderen en op het pleisteren van de door de reiger gepikte koi-karper. Op Animal Planet kunnen we zien hoe de ambulance met dierenredders uitrukt om de locale hamster te bevrijden van de bruut die mens heet, om het beest vervolgens aan het infuus te leggen en tenslotte, als de camera’s niet meer draaien, het beest levend in de biobak te smijten. Next shot. Zulke programma’s doen me altijd een beetje denken aan de discussie of vissen pijn hebben tijdens het hengelen, terwijl de oceanen leeggeroofd worden. Enfin, dat is een andere discussie.

Ik heb zelf drie honden. Allen uit het asiel. We kiezen meestal een stabiele reu en twee overbejaarde exemplaren wier noodlot eigenlijk al bezegeld zou moeten zijn. En nu moet je niet denken dat die bejaarden een probleem zijn. Zelf prefereer ik een oude hond. Slaapt de hele dag, loopt niet weg en je zit er ook geen vijftien jaar aan vast. Het probleem met die klotehonden is echter dat je er zo snel een band mee krijgt en dat kan bij een oude hond vanwege de omloopsnelheid een financieel risico betekenen.

Nu hebben wij grotendeels al afstand genomen van de dierenarts door zelf te dokteren met wat trekzalf en pleisters. Werkt prima. Daarnaast hebben we de afspraak dat we de beesten niet laten opereren en zeker niet als deze al op leeftijd zijn. Allemaal afspraken uit financiële zelfbescherming.

Maar het gaat altijd mis als het oude beest echt ziek wordt en je weet dat zijn einde in zicht is. Tja, wat doe je dan? De spade is uit de tijd en dat beestje ligt voor je voeten te creperen, te piepen en je aan te kijken. En zoiets kan dagen duren!! Totdat je het niet meer aan kan zien en je alsnog besluit, na een snikkend afscheid, het stervende kadaver in de auto te pleuren richting, juist, de dierenarts.

In de wachtkamer word ik geconfronteerd met een huilende vrouw die haar poes heeft laten inslapen. Zodra ze de deur uit is, hoor ik in de verte een schaterlachen dat gelijkgeschakeld is aan het deurmechanisme.

‘Volgende!!’

Bij het binnentreden van het epicentrum van dierenreddersland staan arts, inclusief assistent (zijn vrouw) en co-assistent (dochter), in hun witte jassen klaar alsof ze ieder moment gaan opereren. Op de achtergrond wordt onder een apathische zucht de rekening al klaargemaakt.

En dan begint de introductiefase, waarin je bevestigd wordt in de kracht, schoonheid, maar bovenal uniekheid van je hond. Het maakt niet uit of je met een rashond aan komt zetten of met overjarige gedrochten zoals die van mij. Het beest loopt op zijn laatste pootje en je krijgt te horen: “Hij ziet er nog erg jong uit voor zijn leeftijd.”

Vervolgens worden, na een uitgebreid verhoor, de NAW- en kommer en kwelgegevens van het dier opgeslagen in een diergebonden honddossier culminerend in de overdracht van een paspoort voor mijn stervende keffer. U wilt niet weten hoeveel paspoorten ik bezit.

Het maakt ook nooit uit wat het dier heeft. Voordat het beest zijn kont gedraaid heeft zit er al een prik in, om vervolgens, na het meten van temperatuur en hartslag, pillen in mijn handen geduwd te krijgen. Het is altijd prik EN pillen, nooit een van de twee. Contant afrekenen graag.

Dierenartsen stellen ook nooit duidelijkheid in hun diagnose. Ze draaien altijd om het resultaat van een eventuele behandeling heen. Ze zullen nooit eens zeggen: “Uw hond is gewoon stokoud en dood is de enige optie.” Er komt altijd de zin: “Hij zou misschien nog beter kunnen worden als….” En dan bedoelen ze röntgen, RSI-scans, openhartoperaties, chemotherapie, nierdialyse, etc, etc. Werkelijk alles is mogelijk. Terwijl je beest je met een stervende bambiblik aangaapt, word je een keuze voor de neus gehouden tussen leven en dood die in werkelijkheid betekent een keuze tussen morgendood of overmorgendood.

Na de aanbieding van chemotherapie heldhaftig te hebben afgeslagen, zit ik bedrogen met wat peppillen en antibiotica een uur later weer thuis met mijn stervende tekkel. Wederom genaaid.

Een dag later, wanneer de medicijnen zijn uitgewerkt, piept en kreunt het beest nog erger en is deze niet meer te vervoeren. De gemiddelde huisartsenpost is meestal onbereikbaar, maar de dierenarts daarentegen staat vierentwintig uur per dag, zeven dagen per week binnen een half uur met zijn SUV bij u aan deur.

Terwijl jij al snikkend met je overbejaarde tekkel bij de voordeur staat, gooit het witte spook de medicijnen al in zijn tas. Zijn helderziendheid moet wel heel groot zijn om nu al te weten wat mijn dier behoeftigt.

Vastbesloten om me niet nòg een keer in de luren laten leggen weet ik de aanbiedingen tot uitstel van executie ditmaal te weerstaan. Een keurig spuitje en een minuut later is het beest dood. De dierenarts gooit zijn witte jas uit, trekt zijn kaplaarzen en overal aan, en vertrekt vervolgens richting de boer om een paar koeien te insemineren, vee te ‘keuren’ voor de slacht en om een paar zieke beesten af te maken.

Want als op het spreekuur de laatste honden -of kattenknuffelaar gewetensvol zijn biefstukje heeft afgekocht met wat antibioticum en pillen, dan worden namelijk de witte jassen aan de wilgen gehangen voor het èchte werk. Wie denkt u nou wie die mensen in die witte pakken waren die bij een MKZ-uitbraak twee miljoen varkens over de kling joegen omdat er een exportbelang in het geding was? Juist ja, dat zijn dezelfde mensen die ’s ochtends de cavia’s van uw kinderen opereerden. De personen die ú het gevoel geven alles geprobeerd te hebben om uw beest van een wisse dood te redden. Een ordelijke en zakelijke afkoop van uw geweten door een verwerkingstherapeut, vermomd achter het masker van wetenschap en kennis. Gadverdamme!!

Volgende keer toch maar weer de spade. Een stuk eerlijker.

Frans Smeets heeft de vreemde opvatting dat hedendaagse kunst behalve oeverloos gezwets, geld en faam ook nog schoonheid in zich mag herbergen.

Algemeen