Arbeidsnomaden
Dennis l’Ami

Illustratie: Alexei en Sergei Tkachev
Een bungalowpark in het oosten van het land schrikt ’s nachts wakker door een serie doffe klappen. Vakantiehuisjes stromen leeg, verontwaardiging over een verstoorde nachtrust hangt in de lucht. Tientallen Poolse mannen zien één van hen een auto bewerken met een stuk metaal. Onder andere de voorruit moet het ontgelden. Hij is onder invloed van cocaïne en schreeuwt dat hij een zekere landgenoot gaat vermoorden zodra hij de kans krijgt. Een uit de hand gelopen ruzie over benzinegeld blijkt de aanleiding voor de situatie. Een verhitte discussie volgt, handen worden geschud. De rust keert terug. Slaperige hoofden zoeken hun kussens weer op.
Geen tijd voor problemen
Het mikpunt van de boosheid is Rafał, een 31-jarige werknemer van een distributiecentrum voor levensmiddelen in Overijssel. Voor hem is dit geen ongewone nacht. ‘Als jonge man in een vreemd land, zonder vrouw of verantwoordelijkheden, is een misstap snel gemaakt,’ zegt hij. ‘Zeker als je met zoveel mannen bij elkaar zit. De meesten van ons zijn erg rustig. Als je zes dagen in de week werkt heb je geen tijd voor problemen.’
Op het bungalowpark waar hij woont, leeft men in huisjes waar plaats is voor zes personen. Iedereen deelt zijn slaapkamer, voor de badkamer staat een chronische wachtrij. Werknemers betalen tweehonderd euro huur per maand, waardoor er zo’n negenhonderd netto netto overblijft voor 45 uur werk per week. Het wettelijk minimumloon bedraagt in Nederland 1236 euro netto (bij een 36-urige werkweek). Aan dat bedrag komen de Polen dus bij lange na niet.
Klassiek immigrantenprobleem
De kerstdagen brachten de Polen door op het park. ‘Drie maanden geleden beloofde het uitzendbureau dat ik de feestdagen bij mijn vrouw en één-jarige zoontje in Polen mocht doorbrengen’, vertelt Andrzej, 23 jaar oud. ‘Een week voor kerst trokken ze dat weer in. Het zou druk worden, zeiden ze, maar dat viel uiteindelijk wel mee. Ik heb mijn familie in het afgelopen jaar één keer gezien. Als ik meer zou willen, kan ik daar blijven, zeiden ze.’
De toegetakelde auto van Rafał moet naar de garage, zo meldt hij de volgende morgen per telefoon aan zijn intercedent van het uitzendbureau. Die laat hem weten dat hij dat in zijn eigen tijd moet doen. Voor iemand die kwart voor acht ’s ochtends op zijn werk moet zijn en na vijven weer vertrekt, is dat een hele opgave. Bovendien kent hij de weg niet en spreekt hij geen Nederlands – taalcursussen worden niet bepaald aangemoedigd en er is geen tijd voor als je zoveel werkt; een klassiek immigrantenprobleem. Hij besluit zijn vrouw in Polen te vragen of zij voor hem een garage in de omgeving van het distributiecentrum kan vinden die bereid is hem buiten kantoortijden te ontvangen. Dit lukt haar, na vele telefoontjes in steenkolen-Duits. Efficiënt en goedkoop is anders, maar het uitzendbureau is er kennelijk niet om werknemers een handje te helpen als dat nodig is.
Voor hem tien anderen
Omdat hij over drie dagen pas terecht kan bij de garage, rijdt Rafał noodgedwongen met een kapotte voorruit naar zijn werk. Niet op komen dagen is sowieso geen optie: voor hem tien anderen. Daarnaast is hij de enige chauffeur met auto voor nog drie andere collega’s. Omdat rijden met een kapotte voorruit strafbaar is wordt hij meerdere keren aangehouden door de politie, wat resulteert in waarschuwingen en enkele boetes. Uiteindelijk kan hij naar de garage (op twintig minuten van het bungalowpark) en met de bus weer naar huis. Dit kost hem een avond.
Als hij een leenauto van het uitzendbureau mag ‘lenen’ tegen een vergoeding neemt hij zich voor dit bedrag terug te vragen als alles weer bij het oude is. Tenslotte was de schade aan de auto niet zijn schuld en bovendien vraagt hij zich af waarom híj moet betalen en niet de veroorzaker van alle ellende. ‘Als cocaïne-snuivers die door het lint gaan meer rechten hebben dan goed willende werknemers, wat moet ik hier dan nog? Ik heb een gezin te onderhouden, ik wil geen problemen!’ zegt hij wanhopig als ik vraag naar zijn toekomst.
Halsoverkop vertrokken
‘Mijn intercedent geeft ons nooit zekerheid en ik werk hier al een jaar! Als ik vraag of in vaste dienst kan komen, blijft hij altijd vaag. Als ik vraag of ik volgend jaar met kerst naar mijn gezin mag, kan hij niets beloven. Als ik hem vraag of ik hier een toekomst op kan bouwen weet hij het niet en zegt dat dat van mij zelf afhangt. Maar met dit salaris kan ik net mijn familie onderhouden en verder niks.’
Op oudjaarsdag probeer ik hem tevergeefs te bereiken. Poolse collega’s willen er niet al te veel over kwijt, maar ik begrijp dat Rafał halsoverkop is vertrokken na een ruzie met het uitzendbureau over de hele situatie. De man die zijn auto kapot maakte, rookt verderop rustig een sigaret. De pauze is bijna voorbij, hij gaat gewoon weer aan het werk.
Nederlandse volksaard
Als ik één van de andere Polen vraag naar het PVV-meldpunt over Polen, Roemenen en Bulgaren, waar zo’n 40.000 klachten over overlast zijn binnengekomen, haalt hij zijn schouders op. ‘Nooit van gehoord.’ De vraag die overblijft is of dit meldpunt niet meer zegt over de Nederlandse volksaard om het gezag te volgen – in welke hoedanigheid die dan ook verschijnt. Een bescheiden geruststelling: 40.000 klachten zijn bij lange niet genoeg om een representatieve afspiegeling te kunnen zijn van onze samenleving.
Schandalige werkgevers
Dit neemt niet weg dat immigratie kritisch mag, nee moet worden gevolgd. Iemand die zijn baan verliest aan een Pool heeft terechte wrok. Maar zoals zo vaak gaat die wrok in de verkeerde richting. In plaats van zijn pijlen te richten op de Pool die ook iets van zijn leven wil maken en het beste wil voor zijn gezin, is het de politicus die arbeidsimmigratie mogelijk maakt en de werkgever die daarvan profiteert door het halen van goedkopere buitenlandse arbeidskrachten. Onlangs weer bleek waartoe dat kan leiden: Oost-Europeanen die onmenselijke werkdagen maken op champignonkwekerijen. Maar of Wilders ooit een meldpunt voor schandalige werkgevers gaat oprichten laat zich raden.
Zo blijven de hedendaagse arbeidsnomaden dwalen door een Europa dat profiteert van hun lusten, maar hun lasten daar niet bij wil.
Dennis l’Ami verdient zijn brood als freelance ontwerper en publiceerde vorig jaar de roman De Eeuwige Mens. Lees zijn weblog.





RSS