Frontaal
Naakt
24 maart 2015

De Armeense genocide (2)

Tayfun Balçik

tos7
Illustratie: Toshio Saeki

Ik zei in mijn vorige artikel over de Armeense genocide dat het ongeveer een jaar heeft geduurd voordat ik overtuigd was van de genocidale intentie achter de deportaties en slachtpartijen. Elk boek, document, elke video of foto benaderde ik met argwaan. Jullie beschuldigen mijn voorouders van nazipraktijken, laat maar zien, bewijs het maar, dacht ik. Het voorwoord van mijn scriptie is, naar ik meen, herkenbaar voor veel jonge Turken in Nederland.

De eerste keer dat ik werd geconfronteerd met de Armeense genocide was op de middelbare school. In een stuk over de Eerste Wereldoorlog en de val van het Osmaanse rijk werd gesproken over de ‘zwartste bladzijde in de geschiedenis van de Turken’. Het was zeer storend om te lezen dat mijn voorouders van massamoord werden beticht. Fanatiek als ik was stormde ik op de leraar af en vroeg aan de ‘westerling’ wat dit had te betekenen. ‘De waarheid jongeman, de waarheid..’, merkte hij geïrriteerd op. ‘Niet mijn waarheid’ mompelde ik verongelijkt en ik ging terug naar mijn plek.

Pijnlijke waarheid

Ik zette die storende gedachten van me af door het stuk te bestempelen als ‘westerse propaganda’. Daarnaast behoorde ontkenning, bagatellisering en beschuldiging van slachtoffers tot het arsenaal om negatieve berichtgeving over alles wat met Turken te maken had te pareren. Dit defensiemechanisme bleek uiteindelijk niet bestand tegen de pijnlijke waarheid.

De moord op Theo van Gogh in 2004 is wat betreft mijn stribbeling een belangrijk cesuur. Het aanzien van zijn levenloze lichaam op de grond (in de regio waar ik geboren ben) wekte bij mij het besef dat personen met een vaste visie op de samenleving (en dus ook op het verleden) in staat zijn om zulke afslachtingen te verrichten. Weg was mijn innerlijke rust, hoezeer die dan ook op subjectieve collectieve herinneringen was gebaseerd. Daarom ben ik op onderzoek uitgegaan en deze scriptie is daarvan het resultaat.

Als ik dit zo na zeven jaar teruglees, denk ik vooral aan de langzame, maar zekere ineenstorting van mijn wereldbeeld als Turk. Een korte samenvatting. Na de HAVO in 2002 geloofde ik heilig in Atatürk, Hakan Sükür en mijn eigen vader.

Fout uit het verleden

Mustafa Kemal Atatürk was de redder van de natie. Hij had voor volk en vaderland gevochten en het overgebleven Osmaanse land beschermd tegen een dreigend koloniaal lot. Dat andere volkeren daar een zeer bloedige prijs voor hebben betaald, ja, dat was hun verdiende loon voor leugens om de Turk te benadelen of er werd simpelweg niet over gesproken. Waarom zou je het over de vijand willen hebben?

Hakan Sükür. O, wat kan ik nog genieten van zijn doelpunt tegen Edwin van der Sar in 1997. Hij was een van onze belangrijkste helden in Europa. Met zijn goals konden we ons minderwaardigheidscomplex even vergeten en aan onze vijanden laten zien dat we nog steeds zo groots waren. Avrupa Avrupa duy sesimizi, iste bu Türklerin ayak sesleri.

Ali Balcik. De man die op 16-jarige leeftijd rivieren en bergen in Oostenrijk heeft overgestoken om eerst twee jaar in Berlijn en daarna in Amsterdam schoon te maken. Deze ‘fout uit het verleden’, aldus minister Henk Kamp in gesprek met Clairy Polak bij Buitenhof, deze kwaadaardige exponent van de massa-immigratie uit Centraal-Anatolië is nog steeds mijn held, maar ik geloof al lang niet meer in zijn Turkse verhalen.


Zaadjes van twijfel

What happened? Ik ging studeren. Ja, die kille kennisoverdracht is ontnuchterend. Maar het sociale component van studeren was belangrijker: de zwarte school uit Amsterdam-West werd verlaten voor een nagenoeg geheel witte omgeving. De verhalen van Atatürk, Hakan en Ali moesten zich in steeds snellere tempo verhouden tot ‘andere’ helden. De vluchtige ontmoetingen met witte studenten was nuttig, maar niet genoeg.

De eerste zaadjes van twijfel in mijn hoofd werden geplant in de lange gesprekken die ik voerde met die andere allochtone (maar niet-islamitische) studiegenoot op de universiteit. En niet alleen met hem. Ook met zijn opgeleide ouders. Ja, doordat zij zich met mij hebben ingelaten, doordat zij in mij hebben geinvesteerd, werd mijn horizon pas echt verbreed.

In 2006/2007 was het dan zo ver. Eerst een bachelorscriptie over de Koerdische kwestie, en daarna de masterscriptie over de Armeense genocide. Mijn eerste vraag: wat is genocide en kunnen de gebeurtenissen in 1915/16 ook opgevat worden als systematische massamoord? Om een antwoord te vinden op die vraag, las ik eerst alleen maar Engelse boeken met tig theorieën daarover. De Armeense ‘case‘ werd in deze verzamelboeken ook behandeld. Toch vond ik in deze boeken niet echt bewijzen of bevestigingen. Het bleven westerse teksten over Turken. Pas toen ik Turkse dingen begon te lezen, wat overigens niet zo makkelijk ging, kwam het ontkiemingproces van de twijfel echt op stoom. Soms deed ik een half uur voor twee pagina’s.

Osmaanse begrippen

Check bijvoorbeeld dit stuk op pagina 306 van Galip Vardars Ittihad ve Terraki içinde dönenler (‘Intriges binnen het [Jong-Turkse] Comité voor Eenheid en Vooruitgang’) uit 1960.

In het triumviraat van Enver Pasa, Cemal Pasa en Talat Pasa had ieder zijn eigen project. Zo probeerde Enver de Russen te verslaan en alle Turken te verenigen, Cemal wilde een islamitische eenheid tot stand brengen in Arabië en was Talat samen met Dr. Bahaettin Sakir en Dr. Nazim bezig met het Armeense vraagstuk.

En daarna zegt Vardar:

Tegen Armeniërs die met de Russen samenwerkten is een meedogenloze politiek van ‘mukabele-i bilmisil’ gevoerd.

Ja, wat is een ‘mukabele-i bilmisil’? Zulke Osmaanse begrippen kom je niet tegen op de schotelantenne. Maar ik moest dus precies weten wat dat betekende. Het ging om het zuivere blazoen van mijn voorouders. Voor ‘volk en vaderland’ kwam ik erachter dat het een begrip is uit het Osmaanse recht. In het modern Turks kan het worden vertaald naar: ‘misilleme’: een overdreven of disproportionele reactie.

Armeniërs verplaatsen

Een overdreven reactie. Hmmm, mijn voorouders hebben disproportioneel gehandeld. Oke, laten we verder lezen. Pagina 313 uit Galip Vardar:

Op een dag komt Bahaettin Sakir aanzetten met het volgende voorstel aan Hüsrev Sami en Sapancali Hakki [prominenten van het Comité]: ‘Kom op, we gaan naar Erzurum, we gaan de Armeniërs verplaatsen’. Ze waren beide verbaasd. ‘Oké, we gaan de Armeniërs verplaatsen, maar wat gaat er met hun bezittingen gebeuren? Is er op dit punt een programma’, werd gevraagd. Bahaettin Sakir antwoordde hierop: ‘kom kom, wat nou programma, ik heb toch al gezegd dat we de Armeniërs gaan verplaatsen, begrijp de rest maar’. Afkeurend zeiden Sapancali Hakki en Hüsrev Sami, ‘wij hebben niks te zoeken in wetteloze en onstuimige zaken. Doe wat je niet laten kunt, maar reken niet op ons’.

Wat is er wetteloos aan een simpele verplaatsing van een hele bevolkingsgroep in het oosten van het Osmaanse rijk? Uit militaire overwegingen moet het kunnen. Toch? Het waren allemaal Dashnak– en Hnchak-terroristen. Toch? Een speciaal Osmaans tribunaal om de daders van deze politiek te berechten was dan ook nergens voor nodig. Wacht even. Dus er was een Turks tribunaal waar Turken mede-Turken hebben verhoord en berecht? Ja, Osman Selim Kocahanoglu heeft de bescheiden van die vrij unieke episode uit de Turkse geschiedenis gepubliceerd in het boek: Ittihat-Terakki’nin Sorgulanmasi ve Yargilanmasi (‘De ondervraging en veroordeling van het Comité voor Eenheid en Vooruitgang’ – Istanbul 1998).

Verraders van het Turkse ras

Het tribunaal was gebaseerd op tien vragen. Een van die vragen ging over de ‘Ermeni Kitali’ of de ‘Armeense massamoord’ en een vraag over de rol van de Teskilat-I Mahsusa daarin. De uitspraak was als volgt:

Kwesties die op een rechtvaardige en legitieme wijze opgelost dienden te worden zijn, met de oorlog die in Europa uitbrak als dekmantel, op een gruwelijke en gewelddadige manier ten einde gebracht… het plunderen van geld en goed, vernielingen van huis en haard, het martelen van mensen zonder schuld, waarvan het merendeel uit Armeniërs bestond, maar waar andere elementen ook zwaar onder hebben geleden… deze verplaatsing werd uitgevoerd met het doel tot vernietiging, waar geen militaire verklaringen voor gegeven kunnen worden. Het was één van de doelstellingen van het Comité.

Ach, je hebt genoeg ‘vatan hainleri’ (landverraders) onder het Turkse ras. Zij hebben onder westerse druk, om hun eigen hachje te redden, al deze dingen gedaan. Zij wilden geen gerechtigheid na de vijfjarige militaire dictatuur van de Jong-Turken. Halide Edip was ook een van de zogenaamde verraders. Hier een passage uit Falih Rifki Atays Zeytindagi (Olijfberg, Istanbul 2004, pagina 71, 72, 73). Atay vertelt over zijn rol als tussenpersoon in een ontmoeting tussen schrijver mevrouw Halide Edip en het hoofd van de ‘interne afdeling’ van de Teskilat-I Mahsusa, Dr. Bahattin Sakir:

Handen schudden met een moordenaar

In die tijd was mevrouw Halide één van de weinigen die de Armeense politiek afkeurde. Ik herinner me een conferentie van haar in de ‘Turkse haarden’ [nationalistische organisatie, TB]. Ziya Gökalp probeerde de Turkse haarden uit de handen van mevrouw Halide en Hamdullah Suphi te redden, over Hamdullah zei hij: ‘een individualist’ en over mevrouw Halide ‘ze doet aan defaitistische literatuur’

(…)

We waren met docentes uit Istanbul op weg om de ideale meisjesschool op te richten in Beiroet. Voorbij Adana kwam Dr.Bahattin Sakir in het compartiment. Ik heb hem geïntroduceerd bij mevrouw Halide. Hoewel ze de naam en het belang van Dr. Bahattin Sakir kende, was ze tot dan toe niet op de hoogte van zijn rol in de Armeense politiek. Bahaettin Sakir had op zijn beurt nooit verwacht een andersdenkende Turkse nationalist te ontmoeten. Na een lang gesprek stapte Bahattin Sakir uit de trein. Mevrouw Halide zei toen ik hem wilde vergezellen ‘je hebt me onbewust handen laten schudden met een moordenaar’. Terwijl Bahaettin Sakir, van wie ik op het perron afscheid nam, het volgende in mijn oor fluisterde ‘het zou verboden moeten zijn voor waardevolle jongens om met deze vrouw om te gaan.’

O ja, niet vergeten hè. Elke zondag Bloedbroeders.

Tayfun Balçik is historicus, gespecialiseerd in de moderne geschiedenis van Turkije en die van Amsterdam-West. Hij heeft een Facebook-pagina.

Tayfun Balçik
Reageren? Mail de redactie.