Frontaal
Naakt
16 maart 2011

Roze Rancune

Eva Szervos


Illustratie: Egon Schiele

Ik ben geen journalist, ik ben maar een doodgewone dame, een nieuwsjunkie. Ik lees GeenStijl dagelijks als onderdeel van mijn vaste nieuws-zap-routine van een stuk of tien weblogs.

Laat ik beginnen met het toewerpen van een verbaal boeket: GeenStijl wilde toonaangevend worden, en dat is gelukt. Verder wilde het blog de nieuwe Star of Daily Mail worden, en ook dat is gelukt: bezoekers komen er voor het dagelijks nieuws met een flinke dot duiding erop. Tot slot is het een groot commercieel succes: het is een mainstream-medium waarop respectabele bedrijven voor veel geld adverteren, gekocht door de grootste krant van Nederland.

Deze drie zaken zijn het resultaat van enkele slimme keuzes, zoals de naam – geen ‘reet’ of ‘kut’ erin, maar een speelse toespeling op losse moraal – en het prikkelen van gewone journalisten met acties als het kapen van een naamsverkiezing van een chipsmerk, waardoor GeenStijl ineens overal opdook in de krant en op televisie.

Maar goed, dat betreft allemaal vorm. Inhoudelijk heeft GeenStijl nu niet echt veel bijgedragen. Pijpen in het fietsenhok? Lekker boeiend. Een minister die geen gevoel voor media heeft en faalt in haar optreden tegen beroepspuber Rutger Castricum? Interessant, hoor. Dat leidt meteen tot mijn eerste probleem:

1. GeenStijl doet alsof het relevant nieuws openbaart

Even een greep uit de GeenStijl-‘klassiekers’. Twee topics over de naakte poon van een beroemdheid (‘Doutzen! We zien je BOOBIES’ en ‘Vraagje: zou u haar doen?’) Eén keer een flauw paint-topic (‘Bewijsch: Regilio Tuur is een HELD!’), verder nog wat oppervlakkige borstklopperij (‘Top 15 mails uit de GeenStijl mailbox (sic)’, ‘Het Hufter Manifest (sic)’ en ‘De Lijst van 50 notoire internetoverlastgevers’).

Dan is er nog een verder niet nieuwswaardig item dat in elk geval origineel is: ‘Rutger komt een FlitsAgentje tegen’. Dan nieuws dat noch nieuwswaardig is en bovendien nog door iemand anders is aangeleverd (‘Geheim Landgoed ontdekt met Bing Maps’, ‘Sander V. Politieman, moordverdachte’) en tot slot eindelijk iets met nieuwswaarde, maar niet zelf vergaard: ‘Beelden inval Rotterdamse PandGestapo’.

Het valt dus allemaal in te delen in de categorieën ‘ruis’, ‘niet boeiend’, ‘geen nieuwswaarde’ en ‘bedankt voor het materiaal’. Vooral in dat laatste is het natuurlijk belangrijk dat er ergens een scoop-dump is: als ik per ongeluk een mailtje van een VVD-kamerlid zou krijgen waarin, zeg, een ongepaste opmerking over het achterwerk van Hennis-Plasschaert wordt gemaakt, zou ik het ook naar GeenStijl sturen. Maar dat had ook Retecool kunnen zijn, of GeenCommentaar, of voor mijn part VolkomenKut.

Verder kan ik me werkelijk niks herinneren, in al die jaren betaalde redactie, dat echt zo nieuwswaardig was dat je ervan achterover slaat. Het is geen Zembla of Nova (RIP). Je geeft alleen om bier en tieten? Prima. Maar doe dan niet of je meer bent.

2. GeenStijl vindt zichzelf neutraal

Alleen GeenStijl vindt GeenStijl neutraal. De makers zijn natuurlijk kneiterrechts, rechtervleugel VVD pur sang. Vooral de PvdA en GroenLinks moeten het ontgelden bij de biefstukliberalen, al wordt topconcurrent PVV ook niet gespaard (op Wilders na, die toch idool is voor veel vaste bezoekers – je schiet je eigen page-views neer als je die kerel neersabelt).

3. GeenStijl is normatief en burgerlijk

GeenStijl heeft een heel duidelijk en beperkt bezoekersprofiel: alle stukken zijn geschreven voor atheïstische blanke autochtone mannen tussen de 25 en 35 met een hbo-opleiding, een auto onder de reet, een kantoorbaan, een voorkeur voor rechtse partijen (tussen de VVD en de PVV in), die zichzelf op Internet voordoen als eminente professoren van adel met lekker wijf op de bank, de nieuwste gadgets in de hand en veel geld op zak.

Iedereen die buiten die categorie valt is vogelvrij: vrouwen, niet-blanken, moslims, arme mensen, ov-reizigers, linksstemmers, werklozen. Het is een kleine club mensen, die eigenlijk alle economische macht en sociale kapitaal al hebben, die zich tegelijkertijd als een soort zwijgende meerderheid en een verdrukte minderheid weet te presenteren. Lees alleen GeenStijl en je zou daadwerkelijk denken dat je het beter hebt als bijstandsgerechtigde, als allochtoon, als niet-blanke. Kijk eens naar de realiteit en je komt snel uit je droom.

4. GeenStijl is hypocriet

Weten jullie nog, toen GeenStijl alles en iedereen die ‘soepsidie’ kreeg ‘subsidiespons’ noemde? Toen ze voorrekenden hoeveel belastingcenten alles kostte? Welnu, ziedaar, ineens was daar die publieke omroep, en hielden dergelijke berichten subtiel op.

5. GeenStijl geniet repressieve tolerantie – en heeft dat niet door

GeenStijl denkt dat politici met angst en beven het komen van die roze plopkap tegemoet zien. Och, ze zijn er heus wel, stramme, stijve politici die niet mooi in beeld komen naast een moeilijk bebloesde Rutger. Maar verreweg de meeste politici weten: beetje amicaal doen tegen Rut, beetje meelachen, beetje grapjes maken, en die hele Roze Rancune is nergens meer.

Zo anders op Internet. Zodra je ook maar iets zegt over GeenStijl kun je een horde kanker-roepende reaguurders over je heen krijgen. De roze e-rancune wordt wel weer gevreesd, en daarom wordt GeenStijl vooral niet tegengesproken in serieuzere media. Net zo lang krijsen tegen iemand tot-ie niks terug durft te zeggen, nee, dan ben je een verrijking van het Nederlandse debat, zeg.

Vijf punten waarom dat hele GeenStijl eigenlijk niks voorstelt maar toch een heel klein landje dat fungeert als anus van de Rijn in de greep houdt. Bizar eigenlijk, over dertig jaar lacht mijn kind me uit dat ik er überhaupt zo veel woorden aan heb vuilgemaakt.

Eva Szervos is natuurlijk niet de echte naam van de vrouw die dit artikel schreef, dus houd maar op met googlen. Uw carcinogene commentaar mag u hieronder plaatsen.

Nieuwsbrief