Frontaal
Naakt
16 september 2010

Rushdie (2)

Peter Breedveld


Illustratie: Francisco Zúñiga

‘Rushdie steunt imam Rauf’, kopte dagblad Trouw van de week. De voorstanders van het islamitisch centrum bij Ground Zero krijgen daarmee volgens de krant steun ‘uit onverdachte hoek’. Dat is nonsens. Rushdie is altijd een consequente verdediger van de vrijheid van godsdienst en van de vrije meningsuiting geweest. Dat hij zich heeft uitgesproken vóór dat centrum, was dus te verwachten.

Dat Rushdies steun Trouw verrast, tekent de totale verwarring rond Rushdies persoontje in zowel het rechtse islamofoben- als het linkse islamofielenkamp. Rushdie wordt niet begrepen en daarom wordt het nieuws, dat Rushdie zich voor of tegen ‘de islam’ heeft uitgesproken, altijd met zulk kinderachtig triomfalisme gebracht. Iedereen houdt zijn adem in als Rushdie iets over de islam zegt, want dat geldt als het ultieme argumentum ad verecundiam bij de volgende slag in de oorlog tussen islamofoben en islamofielen.

Islamofoben wrijven verlekkerd in hun handjes als Rushdie schrijft dat yes, this is about Islam, islamofielen zien hun gelijk bevestigd als Rushdie het heeft over de ‘brede kerk’ die de islam is, that certainly includes millions of tolerant, civilised men and women. Niemand leest de brede context van zijn woorden, die eigenlijk altijd dezelfde boodschap behelst: de islam heeft alles in zich om een geloof te zijn van hoop, tolerantie en vooruitgang, juist vanwege de moslims. Als ze zich maar niet laten kapen door de baardmannen, de machtswellustige koopmannen van de haat.

Rushdie heeft bewonderaars aan zowel de linker- als de rechterzijde van het politieke spectrum. Links stond voor een dilemma, toen het ‘islamdebat’ na 9/11 en de afslachting van Theo van Gogh in volle hevigheid losbarstte. Hoe kon je volhouden dat je erom vroeg te worden afgeslacht als je moslims kwetste, en tegelijkertijd je gesigneerde exemplaar van The Satanic Verses koesteren? Vandaar de drammerige koppen in de progressieve media, toen vijf jaar geleden Rushdies roman Shalimar the Clown verscheen: ‘Rushdie haalt uit naar moslimterrorisme’, ‘Rushdie laakt radicale islam in nieuw boek’. Dat niemand mocht denken dat in de roman, over een moslimterrorist, iets kwaads werd gezegd over de islam! Want islam is vrede!

Op de VPRO-televisie zag ik interviewer Chris Kijne zijn stinkende best doen om Rushdie te laten zeggen dat de vrijheid van meningsuiting aan banden gelegd moet worden. Dat vindt u toch zeker ook, meneer Rushdie, dat je niet zomaar kunt zeggen dat moslims geiteneukers zijn? Maar Rushdie weigerde zich voor het karretje van de wanhopige kleinziel te laten spannen. Als Kijne zo nodig een campagne tegen de vrijheid van meningsuiting wilde voeren, moest hij het zonder het icoon doen.

Iedereen probeert zich Rushdie toe te eigenen, maar wie het echt belangrijk vindt wat Rushdie zegt, moet ophouden in zijn stukken te lezen wat hij graag wil dat hij zegt. Rushdie zegt niet dat de islam een ‘fascistische ideologie’ is en Rushdie zegt ook niet dat de ‘vrijheid van meningsuiting niet onbegrensd kan zijn’. Rushdie is voor de vrijheid en het zelfbeschikkingsrecht van moslims en niet-moslims, hij is zelfs een pleitbezorger van de multiculturele samenleving, en daarmee één van de laatsten der Mohikanen, één van de laatste echte liberalen.


Reacties gesloten. Mail de redactie.

« home