Frontaal
Naakt
29 april 2026

Vermoedens

Justine le Clercq


Illustratie: Kyoko Okazaki.

De wereld van sekswerkers hangt losjes aan elkaar van vermoedens. De ene sekswerker vermoedt dat de andere sekswerker onder de prijs werkt. De klant vermoedt dat de sekswerker stiekem geniet van zijn geslacht. De Belastingdienst vermoedt dat sekswerkers meer verdienen dan ze opgeven. De politie vermoedt dat sekswerkers worden gedwongen tot het werk, en de Nationaal Rapporteur Mensenhandel heeft zelfs een beroep gemaakt van ‘vermoeden’: die levert om de zoveel tijd een dik rapport over vermoedens van mensenhandel onder de sekswerkers.

En My Red Light werd opgericht omdat het vermoeden bestond dat het kon, een raambordeel gerund door sekswerkers.

De opening

Toen ik voor My Red Light ging werken als bestuursvoorzitter, had ik ook vermoedens. Dat het een fantastisch plan was om een raambordeel voor en door sekswerkers op te richten. Dat ik hele goeie contacten zou gaan opbouwen met alle stakeholders. Dat alles keigoed was uitgedacht. Waarom anders zouden zoveel weldenkende mensen mee hebben gedaan aan de oprichting?

Die weldenkende mensen ontmoette ik bij de opening op 16 mei 2017 in pand nummer 27 op de Wallen waar we de opening vierden op een klein binnenplaatsje dat grensde aan een peeskamer. In die peeskamer stond een prachtig rood bad, dat voor de gelegenheid gevuld was met alle soorten drank die nodig zijn voor een succesvolle openingstoost.

Het binnenplaatsje was op die zonnige dag volgestroomd met aannemers, advocaten, architecten, financieel adviseurs, ambtenaren, directeuren en een enkele zorgverlener. Iedereen had zijn beste kleedje aangetrokken. Er hing een sfeer van succes, het gevoel aanwezig te zijn bij iets historisch, iets dat een ommekeer zou zijn in de sekswerkbranche en van waarde was. Het succes leek al binnengehaald. Hier werd iets teweeg gebracht.  

Het wachten was op burgemeester Eberhard van der Laan. My Red Light was zijn initiatief geweest. Hij had alles in beweging gezet, mensen in positie gezet, en sleutelfiguren uit de stad aan het project verbonden. In die periode was hij al ernstig ziek, en hoewel hij graag wilde komen, moest hij afzeggen. Dat was verdrietig, vooral voor Monica, mijn collega-bestuurder die nauw met hem had samengewerkt. Monica is de echte held in dit verhaal. Zij heeft al het uitvoerende werk verricht, van het kopen van de handdoeken tot het opzetten van het financiële systeem. En wie haar een strobreed in de weg legde, zag Eberhard van der Laan verschijnen in woord en daad.

Van alle genodigden was nu Annemarie van Gaal het beroemdst, en dus kwam zij als laatste binnen en kon de opening echt beginnen.

Tijdens de opening werden mensen bedankt, en nogmaals bedankt, de burgemeester werd gemist en geprezen, het unieke van het project werd benoemd en geroemd en iedereen was zich bewust van zichzelf en hun onvervangbaarheid. Op een groot dibondbord stonden alle logo’s en namen van onze bondgenoten.
 
Met mijn wantrouwige inborst waren mijn vermoedens positief gestemd die dag, Stichting My Red Light was keigoed opgezet, van A tot Z uitgewerkt, aan alles was gedacht, en de gemeente en de politie stonden er dubbel en dwars achter.

Het viel me nog wel op dat er tijdens de opening geen enkele sekswerker aanwezig was. Ook geen mensen van de belangenvereniging voor sekswerkers. Maar het was niet echt het moment om als nieuweling – ik was pas een paar dagen betrokken bij het project – een snedige vraag te stellen.

Na de opening op het binnenplaatsje heb ik al die bondgenoten nooit meer gezien. Het dibondbord hing het eerste half jaar nog vrolijk boven ons bureau, daarna stond het op de radiator, en na een jaar verstofte het achter de frisdrankkast.

De lijken

Het vallen van de lijken uit de kasten hadden we niet zo snel vermoed. Als een stichting nieuw is opgericht, dan ga je er niet vanuit dat er al lijken liggen. Maar ze kwamen, en ze kwamen snel, achter elkaar, iedere week wel eentje. De vergunningen bleken niet op orde, daardoor klopte het financiële plaatje niet, kantoormedewerkers kwamen niet door de Bibob, personeel was niet te vinden, mensen wie een baan was beloofd tijdens de oprichting stapten naar de rechter, en de controledames van de gemeente bleken niet erg benaderbaar, de andere exploitanten vonden dat we valse concurrentie waren, het schoonmaakbedrijf deed veel maar niet aan schoonmaken en het duurde niet lang of Monica stond de handdoeken te vouwen, ik stond de buitentrap te boenen en ons derde bestuurslid Marcel bracht de thee en koffie rond.

Die zomer van 2017 rees er bij ons een vermoeden dat het mis zou gaan.

Op 5 oktober 2017 overleed tot groot verdriet van Amsterdam, burgemeester Eberhard van der Laan.
De belangrijkste strijder voor ons project was niet meer en ik riep het bestuur en onze medewerkers bij elkaar. De werkelijkheid gaat nu beginnen, zeiden we tegen elkaar. Wie weg wil, kan dat nu doen, zei ik. We bleven.

Het duurde één week. Eén week respect, langer konden ze het niet volhouden.

De gepasseerden

Met het overlijden van Eberhard van der Laan, verdween de bestuurlijke steun op het stadhuis voor My Red Light. Er bleef niemand achter die ofwel kennis had van het project, ofwel er groot voorstander van was. Wat overbleef waren de mensen die door Eberhard van der Laan in het proces waren gepasseerd, en dat bleken er nogal veel te zijn.

En daar kwamen ze. De gepasseerde ambtenaren klopten op onze deur en beschuldigden ons van de ene gekkigheid na de andere. De politie klopte op onze deur en liet ons duidelijk weten dat ze My Red Light een heel slecht idee vonden, dat het nooit opgericht had mogen worden. In het stadhuis was een machtsvacuüm ontstaan en waren alle poppetjes bezig zich een betere positie te verwerven. Om de juistheid van hun morele kompas te tonen, was iedereen ineens tegen My Red Light. We kregen de ene na de andere controle. Zodanig dat het zelfs de andere exploitanten op de Wallen opviel. In plaats van dat ze lachten in hun vuistjes – wat ik had begrepen – gebeurde precies het omgekeerde. Ze hadden met ons te doen. En hoe meer de gemeente en de politie ons het leven zuur maakten, hoe meer steun we kregen vanuit de Wallen-community. Ik had nooit kunnen vermoeden dat het zo zou lopen.

Je kunt een ideaal omzetten in een concreet plan. Je kunt dat plan in woorden gieten in intentieverklaringen, contracten, gedeponeerde statuten, protocollen en wet- en regelgeving.
Het systeem was af, maar de werkelijkheid niet. In die werkelijkheid bleken er bovenal tegenstanders. Dat wij in die werkelijkheid direct al aan de verliezende hand waren, daarvan hadden we die zomer wel een vermoeden. Alleen hadden we nog niet door dat ook dat systeem slechts een vermoeden was.

Justine le Clercq was bestuursvoorzitter van het gemeentebordeel My Red Light op de Wallen in Amsterdam. Dit raambordeel werd de inzet van een poldertreurspel. Deze serie columns geeft een inkijk in de sekswerkbranche en iedereen die zich daarmee (on)gewild inlaat. Het eerste deel leest u hier, het tweede hier, het derde hier en het vierde hier.

Nieuwsbrief