Frontaal
Naakt
22 januari 2009

Kansberekening

Frans Smeets

hafsia5 (44k image)
Hafsia Herzi

Nederland is een bange samenleving geworden. We zijn bang voor de islam, bang voor criminaliteit, bang voor terrorisme, bang voor elk noodlot dat ons kan treffen. Zelfs voor onze eigen pubers zijn we bang geworden.

Dit, terwijl het nog nooit zo veilig en vreedzaam is geweest. Er is een overvloed aan vreten, oorlog ontbreekt, we draaien aan een paar knoppen voor gas, water en elektra, we hebben bijna alles en we zijn door het uitbannen van ziektes en medische zorg nog nooit zou oud geworden. De kans op vroegtijdig overlijden is geminimaliseerd.

Een paar generaties geleden nog moesten onze voorouders, aangevreten door de kou, rondstruinen op zoek naar vreten en hing elk moment het zwaard van ziekte en dood boven hun hoofd. Wij raken in paniek als de hypotheekrente niet meer aftrekbaar dreigt te worden en zijn verongelijkt als ons favoriete kaasje niet op tijd op de plank ligt. Wanneer het noodlot ons treft, is ons onrecht aangedaan en eisen we financiële genoegdoening van de verantwoordelijke.

We willen elk risico kunnen uitsluiten en als er al iets gebeurt, proberen we de kans op herhaling in elk geval uit te bannen door risico’s in kaart te brengen en er beleid op te verzinnen, opdat we een volgende keer voorbereid zullen zijn. We kunnen als burgers wel klagen over de overheid en haar regelgeving, maar onze eigen behoefte aan overdreven veiligheid en de controle van het noodlot is de grote aanjager van de bureaucratie. Gaat er iets mis, dan eisen we van de overheid dat er precies is na te gaan hoe het noodlot heeft toegeslagen. Gevolg is dat het onderwijs, de politie en de zorg de hele dag rapporten schrijven en er uiteindelijk weer helemaal niemand verantwoordelijk is voor eventueel falend beleid.

Toen in 2001 een kind werd doodgestoken op een school, werd de schoolleiding door een interviewer van Radio 1 nog dezelfde dag bestookt met vragen als “Wie heeft de deur laten openstaan en wie was daar verantwoordelijk voor?” Alsof er iemand verantwoordelijk moet zijn voor het open laten staan van een schooldeur en dat daar een papierwinkel over bijgehouden moet worden.

Of zoals bij de zaak van het meisje van Nulde, waar we van dag tot dag wilden weten hoe het mis is gegaan. Alsof dit iets dient, behalve de verantwoordelijken uit de wind houden. Dingen kunnen nu eenmaal misgaan.

Het zijn wel fantastische verhalen voor de media die elk incident uitmelken, totdat je meer weet van het slachtoffer en de dader dan van je eigen buren.

De werkelijke kans om door een vreemde te worden vermoord, mishandeld of verkracht, is verwaarloosbaar. Zinloos geweld door een onbekende persoon is een uitzondering. Toch wil de samenleving per se beschermd worden tegen de enge man in de bosjes of de gemeen kijkende boef.

Wie naar de statistieken kijkt, ontdekt dat bijna alle gevallen van mishandeling, moord, diefstal, verkrachting en aanranding binnen de veiligheid van de eigen vriendenkring, het gezin en de familie plaatsvinden. Het is leuk om met De Telegraaf op pedojacht te gaan, maar het zijn toch vooral de eigen pappa’s, ooms en neven die hun rits niet dicht kunnen houden. Gevaar komt bijna altijd uit de eigen groep.

En dit geld niet alleen op microniveau. Wie een kleine moordevaluatie van Europa in de twintigste eeuw maakt, moet tocht echt constateren dat de kans om het leven te laten door zinvol geweld – door de staat (eigen groep) gelegitimeerd – duizenden keren groter is dan de kans vermoord te worden door zinloos geweld. Het vijandbeeld van de enge man hebben we slechts nodig vanwege het onvermogen te beseffen dat de moordenaar en elk gedrag dat we verwerpen, uiteindelijk in onszelf en onze directe omgeving zit. Hoe groter de projectie van dit vijandbeeld, hoe meer gelijkenis er uiteindelijk komt met datgene wat we verachten.

Ondanks dat gevaar uit eigen kring, is onze hele angstcultus gebaseerd op dat plotselinge noodlot dat ons kan overkomen in de publieke ruimte. We eisen van de overheid een veiligheid die in feite een vierentwintiguurs bewaking betekent. Een overheid die alles vol camera’s hangt en van iedereen wil weten waar ze uithangen en wat ze doen. Een beleid dat de samenleving NIET veiliger maakt, maar slechts de illusie bij de burger moet staven dat het oog van de overheid de burger kan behoeden voor de kleine kans van het onvoorziene. De samenleving is namelijk al veilig.

Het is bovenal schieten met een kanon op een mug. In een samenleving waarin je beschermd bent tegen het noodlot, wil je echt niet leven. Totale veiligheid in de publieke ruimte betekent een totalitaire samenleving, die bij een onvoorziene wisseling van de wacht, iedereen het hoofd kan kosten.

Frans Smeets is kunstenaar en heeft onder andere dit voortreffelijke beeld van christen Bono gemaakt.

Algemeen
Reageren? Mail de redactie.