Sinan Çankaya fuckt de integratie
Peter Breedveld

‘Misschien moeten we er gewoon niet bij willen horen’, verzucht Sinan Çankaya tegen het einde van zijn boek ‘Galmende Geschiedenissen‘. Hij heeft, zoals zoveel biculturele Nederlanders, zijn hele leven geprobeerd zich aan te passen om geaccepteerd te worden, misschien zijn nederige afkomst weleens verloochend, zichzelf in witte Nederlanders verplaatst, zich verdiept, zich de lessen over de Holocaust goed in zijn oren geknoopt: “Dit nooit weer”. Hij heeft Auschwitz bezocht, ‘de plek waar het onnoemelijke was gebeurd’, zag er kinderen hink-stap-springen en grappige schaduwen maken op de muren van de kamers waar Joden bijeen gedreven waren om te worden vergast.
Hij zag ook hoe vreedzame demonstranten tegen de genocide in Gaza werden uitgemaakt voor Jodenhaters en door de politie in elkaar werden geslagen. Samen met andere activisten werd hij door beveiligers de VU-campus afgeëscorteerd. Hij zag regeringsleiders, waaronder Mark Rutte, hun onvoorwaardelijke steun uitspreken voor Israël dat zich voorbereidde op een vernietigingsoffensief tegen de Palestijnen. Hij hoorde zijn moeder angstig zeggen dat dit dus was “wat ze van plan zijn met ons te doen.” Hij zag dat Femke Halsema alleen de Israëlische vlag hees en de Palestijnse vlag weigerde. Hij zag Israëlische hooligans Amsterdam onveilig maken en jolige liedjes zingen over het uitroeien van Palestijnse kinderen.
Maar toen die hooligans daarvoor klop kregen, werd er verontwaardigd geschreeuwd over “progrom” en “Jodenhaat”.
Bagatellisering van de Holocaust
Çankaya concludeert dat de herdenking van de Holocaust vooral een gelegenheid is voor witte Europeanen om zich goed over zichzelf te voelen. De witte Europeanen, de daders, komen daarbij eerst, de Joden, hun slachtoffers, spelen tweede viool en de biculturele Europeanen zijn de daders by proxy. De stichting van de staat Israël is de Europese aflaat en dient bovendien om de Arabische, islamitische horden buiten te houden. Dankzij die Arabieren mochten Joden zich nu tot de witte westerlingen rekenen.
De nieuwe buitenstaanders zijn de nakomelingen van de gekoloniseerde volkeren. Elke vergelijking van hún leed met dat van de Joden wordt boos van de hand gewezen en afgedaan als bagatellisering van de unieke Holocaust. Zij zijn juist de importeurs van het antisemitisme in Europa. Dodenherdenking en Februaristaking draaien vooral om uitsluiting, zie ook nu weer de controverse rond Jerry Afriyye, die bij de herdenking van de Februaristaking sprak.
Çankaya komt in conflict met zijn witte redacteur bij uitgeverij De Bezige Bij. Een boek dat hij wil schrijven naar aanleiding van de Hamas-aanval op Israël van 7 oktober 2023 en de nasleep ervan, zal volgens haar “de lezer” van hem vervreemden, een denkbeeldige figuur waarvan het Çankaya onduidelijk is wie dat precies is. Een witte lezer, zoveel is duidelijk. Iemand die nooit enige moeite heeft gedaan, daartoe nooit is aangespoord, om zich te verdiepen in de niet-westerse ander.
Het wordt hem duidelijk dat uitgevers graag een biculturele schrijver zien die afstand neemt van zijn eigen cultuur en zijn familie, de mensen tussen wie hij is opgegroeid. “Misschien schrijf ik wel helemaal niet voor de witte lezer”, bijt hij haar toe.
Turk en tatta
Galmende Geschiedenissen is, kortom, een boek dat al die thema’s behandelt die op Frontaal Naakt ook regelmatig de revue passeren, maar gezien vanuit het perspectief van iemand die zelf het mikpunt is van al die verwijten, vooroordelen en uitsluitingsmechanismen.
Je zou het boek kunnen zien als een vervolg op ‘Mijn ontelbare identiteiten‘ – 2020 was dat alweer- , waarin Çankaya liet zien hoe hij en anderen behendig wisselen van identiteit, al naargelang een situatie dat eist. Zo is hij even makkelijk Turk als Tatta, volkse jongen en kakkineuze academicus en nog veel meer.
Galmende Geschiedenissen is een stuk bozer en grimmiger, al heb ik er ook vaak om gegrinnikt. Het is duidelijk dat de genocide in Gaza voor Çankaya een keerpunt is, net als voor veel andere biculturele Nederlanders. Boven een interview dat Majda Ouhajji vorig jaar met hem had in NRC staat met grote letters ‘Fuck integratie‘. Ik heb dat toen als een grote opluchting ervaren. Ik ben dan wel een kaaskop, een tatta, maar wellicht komt het door mijn multiculturele vrienden- en kennissenkring dat ik het multiculturele debat in Nederland altijd als een groot onrecht heb ervaren en er daarom ook veel over heb geschreven.
Slachtofferrol
Ik vind het heel erg goed dat veel Nederlanders, niet alleen biculturele niet-westerse maar ook witte de schellen van de ogen zijn gevallen. “Integratie” komt in Nederland niet van twee kanten. Integratie betekent als zwartharige bicultureel de postkoloniale pikorde accepteren, de witte, verlichte Nederlander bovenaan, – en dan moet je denken aan aapachtige imbecielen als Eddy Terstall en Henk Vermeer – en de niet-westerse allochtonen met hun ingebakken antisemitisme helemaal onderaan, daar moet je echt vrede mee hebben. Je moet kakelen dat inderdaad, bij mij thuis tierde het antisemitisme ook welig en haatten ze ongelovigen; dank u, witte Nederlander, dat u mij in uw midden hebt opgenomen. Je moet niet beginnen over kolonialisme en institutioneel racisme en racisme in het onderwijs en op de arbeidsmarkt, want dat is slachtofferrol.
Ik ben eens een beetje gebotst met Çankaya, want hij schreef weleens voor Frontaal Naakt en wilde dat op een gegeven moment niet meer vanwege de weerstand die ik bij veel mensen opriep. En het is waar, ik ben altijd grof en ondiplomatiek en tot-op-het-bot-beledigend geweest want ik walg en kots van de hypocriete zelfgenoegzaamheid van het intens intolerante Nederland, dat racistischer en onverdraagzamer is dan MAGA. Van de mensen die me constant aan mijn kop zeurden dat ik mijn toon moest matigen, mijn taal moet kuisen, rekening moest houden met taboes en gevoeligheden en dogma’s, die mijn ontslag eisten omdat ik precies dezelfde grove grappen maakte als GeenStijl, maar dan over witte grote waffels in plaats van minderheden, werd ik alleen maar kwaaier en luidruchtiger.
Bevrijding
Inmiddels word ik links en rechts overschreeuwd door mensen van wie ik soms denk: “Zou je dat wel op die manier zeggen?” en krijg ik zelfs weleens te horen dat ik zo ingetogen ben. Dat ‘Fuck integratie’ voelde daarom ook een beetje als een bevrijding voor mij en ‘Galmende Geschiedenissen’ was, mede door de Tristram Shandy-achtige vorm waarbij het eigenlijk meer om het vertellen van een verhaal dan het verhaal zelf gaat en uiteindelijk natuurlijk toch om dat verhaal zelf, gruwelijk bevredigend.

Is het Vrije Woord u écht lief? Steun me dan met een financiële bijdrage. Doneer aan de enige dwarsdenkende, onafhankelijke (maar echt) site van Nederland. Rekeningnummer NL24 ASNB 8832 6749 39 (N.P. Breedveld, ASBN Rijswijk), BIC ASNB NL21.





RSS