Toeristen
Peter Breedveld

Illustratie: Nikolai Fomin
Eén van de grootste stenen des aanstoots in het multicultidebat blijkt keer op keer de manier te zijn waarop wij de getinte medemens aanduiden die zijn paradijselijke bestaan in het zonnige zuiden om onbegrijpelijke redenen heeft verruild voor een keihard leven van afzien en vernederingen op onze tochtige zandplaat.
Gastarbeider, allochtoon, medelander, nieuwe Nederlander, biculturele Nederlander; het mag allemaal niet baten. Binnen de kortste keren zijn de aanvankelijk eufemistische en metaforische benamingen synoniem geworden voor straatterreur, vrouwenonderdrukking en parasitisme en barst voor de zoveelste keer de discussie los over de negatieve connotaties van een woord.
We moeten daarom eindelijk eens een goede term verzinnen, die meteen afrekent met alle onaangenaamheden, die de etikettering van de getinte medemens onvermijdelijk met zich mee lijkt te brengen.
Ik meen de oplossing te hebben: ‘toerist’. Is een woord dat bij iedereen vrolijke associaties oproept, een vakantiegevoel teweegbrengt en het woord dekt de lading totaal. Het gaat bij toeristen namelijk om mensen die hier niet horen, de taal niet spreken, onaangepast zijn, die stinken, een enorme rotzooi maken, lawaaiige kinderen hebben en raar gekleed gaan.
Maar! Ze gaan straks ook weer gewoon weg!
‘Toerist’ laat aan duidelijkheid niks te wensen over en is toch niet kwetsend. Toeristen zijn van harte welkom, ze zijn gelijkwaardige mensen, en toch kun je ze naar hartelust behandelen als uitvaagsel. Geen PvdA’er of GroenLinkser die daar iets van zegt.
Denkt u zich de talloze mogelijkheden in als ‘allochtonen’ eenmaal hebben omgedoopt tot ‘toeristen’! Ze gaan, in plaats van dat ze geld kósten, eindelijk eens geld ópbrengen, en veel ook! Toeristen een poot uitdraaien is een wereldwijd geaccepteerde, eerbare vorm van broodwinning. Niemand zal protesteren. René Danen wordt in één klap werkloos, want van racisme zal nooit sprake meer zijn. We behandelen deze mensen niet rot omdat ze van een bepaald ras zijn of een raar geloof hebben, nee, het zijn toeristen! En die behándel je als toeristen.
Man, we hoeven dan ook niet meer boekjes over hun cultuur en achtergrond te gaan lezen, want wie verdiept zich nou in toeristen? Niemand die ons nog aan onze kop zeurt over ‘respect’, want dat is belachelijk, respect voor toeristen. Toeristen pers je uit, en als ze helemaal uitgeknepen zijn, rotten ze weer op naar hun eigen land.
Voor de toeristen zelf is het ook fijn, want niemand vraagt een toerist te integreren. Welnee! Van toeristen verwácht je dat ze onaangepast zijn en zich niet op eigen kracht kunnen redden, anders zouden ze nooit zoveel geld opbrengen. Toeristen die een scheve schaats rijden, kunnen ook meteen keihard worden aangepakt, zonder dat een GroenLinkser allerlei kutsmoezen komt aandragen, dat de toerist uit een ver land komt, en onze cultuur niet begrijpt enzo. Niks ervan! Verzachtende omstandigheden zijn er niet voor toeristen. Het zijn toeristen! “Je hebt één strip te weinig afgestempeld, lul! Ja, wat nou, ‘ik begrijp dat met die strippenkaarten niet?’ Honderdvijftig euro boete! Meteen betalen!”
Nederland wordt weer ouderwets gezellig, gewoon door mensen toeristen te noemen. U hoeft me niet te bedanken.
Peter Breedveld is ook een obsessieve probleemoplosser.
18 mei 2010 — Peter Breedveld
Reacties op dit artikel zijn gesloten. Wilt u reageren?
Stuur een e-mail naar de redactie.





RSS