Zondebokken aanwijzen is geen wetenschap
Brendan Thesingh

Illustratie: Taiyo Matsumoto.
Het Nederlandse politieke debat vertoont een hardnekkige wetmatigheid wanneer complexe, structurele problemen worden gereduceerd tot de vraag wat ‘objectief’ is. Zodra publieke voorzieningen vastlopen, verschuift de analytische blik in de polder opvallend snel van beleid en herverdeling naar demografie als de enige sluitende verklaring.
In haar column ‘Raak elkaar niet kwijt‘ (NRC, 4 juni 2026) tilt Rosanne Hertzberger deze dynamiek naar een hoger plan. Onder het mom van een pleidooi voor verbinding verdedigt zij de bij Trouw vertrokken columnist Sylvain Ephimenco, die de krapte op het drinkwater- en energienetwerk verbond aan migratie. Hertzberger presenteert deze koppeling als een kwestie van ‘feiten’. Daarmee herhaalt ze echter exact de retorische misleiding die de kern vormt van het probleem: het misbruiken van een wetenschappelijke bron om een ideologisch gemotiveerd causaal verband neer te zetten.
Wie de anatomie van dit debat ontleedt, ziet hoe de premissen systematisch worden verdraaid. De ophef rond Ephimenco ontstond niet omdat hij demografische tabellen citeerde, maar vanwege de specifieke, kwalijke suggestie dat asielzoekers de primaire veroorzaker zijn van onze haperende infrastructuur. Het is een beproefde marketingtechniek. Zijn betoog opende doelbewust met een felle focus op het aanmeldcentrum en de asielinstroom om de emotionele toon te zetten, waarna die angstgevoelens geruisloos werden doorvertaald naar de schaarste op de netwerken. Pas in de marge werd dit gedekt door algemene migratiecijfers.
Xenofobie
Hertzberger wast dit frame nu wit door te doen alsof het hier een neutraal, wetenschappelijk debat betreft. De zogenaamde ‘oprechte zorgen’ over de instroom die in dit soort beschouwingen worden geventileerd, zijn in werkelijkheid de salonfähig gemaakte vertaling van diep ingesleten xenofobie. Migratie is in de polder geen ‘olifant in de kamer’; het is het permanente rookgordijn dat het zicht op de werkelijke machtsstructuren moet ontnemen.
Om herstel van het debat te claimen, voert Hertzberger rapporten op van het RIVM, VNO-NCW en de Staatscommissie Demografische Ontwikkeling. Maar zij hanteert een selectieve blindheid die een wetenschapper onwaardig is. De Staatscommissie waarschuwt namelijk voor infrastructurele knelpunten “bij het huidige gebruiksniveau”. Die vier woorden veranderen de hele architectuur van de data. In de statistiek staat deze randvoorwaarde voor een statische projectie: dit is wat er gebeurt als een overheid weigert te regisseren en de status quo ongewijzigd laat.
Door deze beleidsmatige passiviteit te presenteren als een onvermijdelijke natuurwet van de demografie, maskeert Hertzberger een diep-ideologische keuze. De acute congestie op ons stroomnet en de dreigende drinkwatertekorten worden immers niet veroorzaakt door de douche in het asielzoekerscentrum of de kraan van de burger. Ze zijn het directe gevolg van het ongereguleerde verbruik door grootschalige industriële complexen, datacenters en de agrarische sector, gecombineerd met decennia aan neoliberaal beleid dat weigerde te investeren in de publieke sector. ‘Bij het huidige gebruiksniveau’ betekent simpelweg dat de industriële onschendbaarheid als een onveranderlijk gegeven wordt beschouwd. Praten over de herverdeling van middelen of het reguleren van commerciële grootverbruikers is electoraal echter minder lucratief dan het aanwijzen van een kwetsbare minderheid.
Luie zondebokdiscussie
Het samenschuiven van asielzoekers en de totale ‘bevolkingsdruk’ is bovendien een vreemde synthese van de feiten. Wie de data van het CBS raadpleegt, ziet direct dat asiel slechts een fractioneel onderdeel
vormt van de totale migratie, die hoofdzakelijk bestaat uit arbeids- en studiemigratie. Het doelbewust fuseren van deze groepen om een rammelend frame wetenschappelijk te legitimeren, is een flagrante schending van de intellectuele integriteit. Het reduceert een complex verdelingsvraagstuk tot een luie zondebokdiscussie.
Dit brengt ons bij de fundamentele gebrekkigheid van Hertzbergers morele slotpleidooi. Zij smeekt de lezer om ‘de tabellen te sluiten’ en te kijken naar elkaars wereldbeeld, omdat we elkaar anders ‘verliezen’. Het is de omgekeerde wereld. Een handreiking en een volwaardige dialoog kunnen nooit rusten op een fundament van valse premissen en moedwillige verdraaiingen. Er bestaat geen moreel rechtsgebied waarin men vrede kan eisen zonder de rechtschapenheid van het feitelijke fundament te erkennen. Zonder intellectuele integriteit is elke oproep tot verzoening niet meer dan een dictaat ter bescherming van de status quo.
Holle frase
De devaluatie van het publieke debat ligt dan ook niet bij de feitenscheidsrechter, maar bij degenen die de taal van de rede de rug toekeren. Hertzberger vreest dat we elkaar verliezen, maar we verliezen elkaar juist omdat de rechtvaardigheid uit het oog wordt verloren. Zolang de migrant fungeert als de vaste bliksemafleider voor falend beleid, blijft elke oproep tot verzoening een holle frase. Er bestaat simpelweg geen route naar verbinding die via de constructie van een zondebok loopt. Wie de waarheid buigt en de burger de scherpte ontzegt om de echte oorzaken te benoemen, organiseert de definitieve verwijdering.
Brendan Thesingh is docent/onderzoeker Digital Marketing & Immersive Technologies aan de Hogeschool van Amsterdam.





RSS