Frontaal
Naakt

27 februari 2010

Sudoku

Prediker

zin28
Illustratie: Zinaida Serebriakova

“We hebben godverdomme hier gewoon een vijfde colonne!
Van mensen die het land naar de verdommenis willen helpen.”
Pim Fortuyn

Geert Wilders mag de Koran wel met Mein Kampf vergelijken en Marokkaanse moslims voorstellen als leden van een vreemde invasiemacht; daarmee geeft hij immers stem aan de angst en frustratie van burgers. Men mag Wilders zelf echter niet vergelijken met Hitler; dat is namelijk stigmatiserend en een afleidingsmanoeuvre om de multiculturele problematiek niet onder ogen te hoeven zien.

Als we Volkskrantcolumniste Nausicaa Marbe moeten geloven, is er een ware hetze gaande. Geen hetze van de PVV en een legertje opiniemakers en (amateur)arabisten tegen moslims, maar eentje van antiracismebureaus tegen Geert Wilders. Wat willen die ketterjagers nu eigenlijk? Een racismevrij Nederland of zoiets? Quelle horreur!

Het is toch geen Sudokupuzzel?, verzucht Marbe: stop er vreemdelingenhaat in en er komen elke keer ‘Auschwitz’ en ‘de Jodenvervolging’ uit? Maar de geschiedenis van etnische minderheden en xenofobie is natuurlijk wel net een invuloefening en de uitkomst komt telkens op hetzelfde neer. Wat wisselt zijn de omvang en de methoden. Een kleine rondgang door de historie volstaat om helder te krijgen hoe xenofobie keer op keer uitpakt.

Spaghettivreters

Op 14 Maart 1891 vonden elf Italianen de dood bij een lynching in New Orleans die zo berucht is geworden in de Amerikaanse geschiedenis, dat ze zelfs een verfilming kreeg.

De blanke, voornamelijk protestantse bevolking bekeek de immigrantengroepering toch al met minachting en wantrouwen: de spaghettivreters waren niet blank genoeg, hadden de verkeerde godsdienst, woonden in verpauperde wijken, en de jonge, gespierde en van testosteron blakende Italiaanse arbeiders bedreigden de eer van de roomblanke protestantse dochters. Goklustige dieven waren het, die om het minste of geringste hun mes trokken! Zedeloze smeerlappen en onbetrouwbare bedriegers!

Een maandenlange lastercampagne door politici en media bracht New Orleans ook nog eens in een broeierige staat van angst voor de mafia, die haar tentakels vanuit de immigrantengemeenschap steeds verder om de havenstad heen zou doen kronkelen. Toen de populaire hoofdinspecteur Hennessy werd vermoord, hoefde men dan ook niet ver te zoeken naar de schuldigen. Dezelfde nacht nog werden meer dan honderdvijftig Italianen opgepakt en gevangengezet. “The little jail was crowded with Sicilians whose low, receding foreheads, repulsive countenances and slovenly attire proclaimed their brutal nature.”, aldus een plaatselijke krant. Negentien van hen werden berecht voor moord en samenzwering in opdracht van de mafia. Met de uitkomst dat hun schuld niet bewezen was, nam de oververhitte bevolking geen genoegen. Er moesten barbertjes hangen, zoals Marbe dat altijd zo origineel uitdrukt. Maar dan letterlijk. Het zou niet de laatste Italiaan zijn die werd gelynched.

Spleetogen

Amerika’s Westkust had een paar jaar eerder kennis gemaakt met een vriendelijker methode om de ongewenste vreemdelingen kwijt te raken: verdrijving via economische boycot. Nadat de voormalige Chinese arbeiders aan de Central Pacific Railroad de Chinatowns van de Westkust hadden overspoeld op zoek naar werk, keerden kranten en vakbonden zich scherp tegen de zich in rap tempo uitdijende Chinese bevolking.

 reclame rattengifThe Labor Agitators, or The Battle for Bread (1879) toont een aantal scènes uit het Chinese leven in San Francisco, waar de Chinese Six Companies de scepter zwaaien over Chinatown. Gruwelrituelen, vrouwenhandel, drugs, en illegale gokhuizen zijn er schering en inslag, zo somt het pamflet op. De Chinezen houden er heimelijk zelfs hun eigen parallelle rechtssysteem op na, waar schimmige transacties worden bekonkeld en executies opgedragen. Chinese meisjes worden er als seksslavinnen verkocht; de verwijfde mannen corrumperen intussen kuise blanke dames; en de Chinese belangenorganisatie dekt het allemaal af. Wat wil je ook: “lying and stealing are as natural to the Chinaman as eating and drinking.” De blanke, welgestelde elite vindt het wel best, want ze profiteert er goed van. De gewone man draait voor de gevolgen op. Klinkt bekend?

“The Chinese must go”, zo klonk het, en “We are determined to rid ourselves of the hated mongolians”. Het bleef niet zonder effect: in tal van Californische steden werden om de zoveel jaar Chinezen vermoord en Chinatowns tot de grond toe afgebrand. Niet dat het Californië van haar Chinezenprobleem afhielp, want de gele wijken werden daarna gewoon weer opgebouwd.

the destroyer of women and children Een lokale krantenuitgever in het provincieplaatsje Truckee bedacht echter een geweldloze manier om van het Chinezenprobleem af te komen. In 1886 riep Charles McGlashan in zijn Truckee Republican een boycot af tegen zakenmensen en hoteleigenaren die Chinezen in dienst hielden. Ieder die meende niet in zijn levensonderhoud te kunnen voorzien zonder hulp van de “thieving, lustful, opiumsmoking, murderous Chinamen”, zou in de krant openlijk aan de schandpaal genageld worden, kondigde McGlashan aan. Het ging hier immers om een strijd op leven en dood:

“Either the whites will rule Truckee and the Chinese must leave, or the Chinese must rule and the whites will leave. There will be no compromise, no flag of truce, no cessation of hostility until the final surrender is made. No unlawful means will be employed, but such blows will be struck at pocketbooks and bankaccounts as will prove more telling than violence or incendiarism.”The Truckee Republican, (cit. Simon Schama, What is an American?, BBC, 2008)

Slechts negen weken later zaten de meeste Chinezen zonder werk, konden hun huur niet betalen, en vertrokken massaal. Maar hé, McGlashan kan geen kwaad in de zin gehad hebben, toch? Hij riep immers juist op om af te zien van geweld:

“There need be no bloodshed or violence in cleaning the vermin out of the Truckee basin.”
The Truckee Republican (cit. Eve Quesnel, The Nameless, Faceless Peope of Truckee, 2007)

Zigeuners

Wie wil nagaan hoe stelselmatige stereotypering en sensatieberichtgeving door media en politici uitlopen op geweldsuitbarstingen en moordpartijen jegens etnische enzigeunerkamp culturele minderheden, hoeft echter niet een eeuw terug te zoeken aan de andere kant van de Atlantische oceaan. Het hedendaagse Europa kent een golf van geweld tegen zigeunergemeenschappen die doet denken aan de pogroms uit de duistere middeleeuwen.

Zo bestookten gewapende groepen in 2008 en 2009 Hongaarse zigeunerkampen met molotovcocktails, granaten en vuurwapens, terwijl nationalistische partijen als Jobbik gedijen op antiziganistische en antisemitische retoriek. De partij kan op de steun van vijftien tot achttien procent van de Hongaarse bevolking rekenen. Dat is vergelijkbaar met wat Wilders in Nederland aan stemmen ophaalt. Blijkbaar is dat de politieke munt die geslagen kan worden uit de combinatie van nationalistische standpunten en het aanwijzen van een collectieve zondebok.

In Roemenië ging het meteen al mis na de val van het communistische regime, eind 1989. Kondigde regeringspartij Frontul Salvării Naţionale aanvankelijk nog aan dat etnische minderheden in het nieuwe Roemenië gelijke rechten zouden krijgen, slechts drie weken later bracht de regering vijfduizend mijnwerkers uit de Jiu vallei naar Boekarest om “hooligans en werkloze zigeuners” in elkaar te tremmen. Een paar dagen erop meldt de Roemeense pers dat Nicolae en Elena Ceauşescu van oorsprong zigeuners waren.

Zoals Valeriu Nicolae en Hannah Slavik laten zien, waren racistische uitlatingen van politici in de jaren negentig gemeengoed. Met alle gevolgen vandien:

  • in 1990 molesteert en vermoordt een menigte van duizend man Roma zigeuners in Turu Lung.
  • In 1991 organiseren de burgemeester en de lokale priesters van Kogălniceanu een lynchmeute die veertig Roma-huizen in de as legt. De campagne is zelfs interconfessioneel: zowel de orthodoxe als de katholieke kerkklokken luiden de actie in.
  • Wanneer in 1993 een menigte van vijfhonderd man in Hădăreni dertien Roma-huizen afbrandt en drie zigeuners vermoordt om de moord op een Roemeen te wreken, moedigt de nationalistische politicus Corneliu Vadim Tudor zijn Roemeense broeders nog eens aan met de oproep “het gewonde hart van Transsylvanië” te beschermen tegen de verkrachtende en rovende zigeuners.

De antizigeunerretoriek van Roemeense politici gaat door tot op de dag van vandaag, met oproepen zigeuners in concentratiekampen te stoppen; ze maar helemaal uit te roeien; en slachtoffergedrag wanneer antidiscriminatiebureaus daarover een klacht indienen (‘Het lijkt de Securitate wel!’). Het ERRC maakt gewag van structureel politiegeweld. Ook komen geweldsuitbarstingen nog steeds voor: in 2005 worden door een lynchmeute van zestig man vier zigeuners vermoord en verschillende huizen in brand gestoken in het dorp Seica Mare.

De hele Balkan levert een vergelijkbaar beeld op. Wie echter denkt dat dit alleen een Oost-Europees probleem is, komt bedrogen uit.

postmoderne ironie Vorige zomer ontvluchtten twintig Roma-gezinnen in allerijl Belfast, toen een neonazistische groep stenen bij mensen door de ruiten wierp en dreigde de huizen waarin ze verbleven in brand te steken. Soortgelijke bedreigingen zijn ook geuit naar moslims, hindoestanen en Polen. British National Party-leider Nick Griffin distantieerde zich van het gewelddadige incident, maar dat verhinderde hem niet op één adem het ressentiment jegens zigeuners te rechtvaardigen:

“We have to bear in mind that the gypsy community is notorious for its extremely high rate of criminality and antisocial behaviour. Everyone in Romania and eastern Europe knows this and it is one reason why their governments are so keen to encourage them to come over here.”

In Italië maken politici en opiniemakers het ronduit bont. Zo motiveerde een verkiezingsbiljet in 2002 op Umberto Bossi te stemmen met het argument: “Als je geen Zigeuners, Marokkanen en delinquenten in je woning wilt, wees dan baas in eigen huis in een leefbare stad en stem Lega Nord.” In 2005 stelde Pierpaolo Fanton voor zigeunerkinderen verplicht te vaccineren zodat ze de Italiaanse kinderen niet met hunDe zak van Sinterklaas; maar dan anders speeksel konden infecteren. “Nomaden, het zijn beesten”, voegde het raadslid eraan toe. In Februari van datzelfde jaar verklaarde Pietro Zocconali, voorzitter van de nationale vereniging van sociologen op televisie dat Romazigeuners kinderen stelen om hen te verkopen; “soms in delen.”

Hé, het mag dan de 21e eeuw zijn, maar als een vooraanstaand socioloog het bloedsprookje van stal haalt, zal het wel waar zijn toch? Toen in 2008 in Napels een zigeunermeisje van vijftien gearresteerd werd op verdenking van het stelen van een baby uit een woning, voerden inwoners van de stad dan ook heel toepasselijk een pogrom uit door de zigeunerwijk in brand te steken. Zoals mensenrechtenorganisaties melden, is dergelijk geweld tegen zigeuners door meutes en politie in Italië niet ongebruikelijk; gesteund door racistische uitlatingen en beleid van politici.

Xenofobie

Zal iemand betwisten dat het in bovenstaande voorbeelden om racisme en xenofobie gaat? Of dat uitspraken van politici en een stroom van sensatieberichtgeving in de pers haatgevoelens jegens minderheidsgroeperingen aanwakkeren? Toch stoelde de angst voor de mafia in New Orleans niet louter op fantasie; leefden Italianen en Chinezen daadwerkelijk in verpauperde wijken met alle sociale problematiek van dien; hielden de bourgeois elite en de Chinese belangenorganisaties zoveel mogelijk het lid op de beerput;  en zijn de vooroordelen over zigeuners ook niet bepaald uit de lucht gegrepen.

Xenofobie – zelfs racisme – staat zelden “los van enige realiteit”, zoals Marbe lijkt te denken. De essentie ervan ligt echter niet in de afwezigheid van ‘zichKomt een vrouw bij de dokter... ophopende problemen’ rond minderheidsgroeperingen, maar in de afwijzing van etnisch en cultureel afwijkende groeperingen als legitiem deel van de samenleving. ‘Ze zijn wezenlijk anders’, ‘ze horen hier niet’, ‘ze zorgen alleen maar voor problemen’, ‘ze komen hier alleen maar om … (vult u maar in)’.

Kwalijk gedrag van exponenten van de afwijkende groep wordt toegeschreven aan de groep als zodanig, tot haar essentiële kenmerken verklaard; en vervolgens worden individuen er op afgerekend dat ze tot die groep behoren. Men accepteert hen niet als gelijkwaardige burgers, soms zelfs niet als volwaardig mens.

Dit nu is precies wat de politieke consequenties, die Wilders uit zijn islaminterpretatie trekt ten aanzien van moslims, zo verwerpelijk maakt. Wilders maakt alle allochtone moslims verdacht, onder verwijzing naar hun culturele en religieuze achtergrond, die hij wezenlijke, onveranderlijke kenmerken toeschrijft. Onze kruisridder in de polder stelt moslims en Marokkanen stelselmatig voor als vreemde horden barbaren die bezig zijn onze beschaafde samenleving over te nemen, en die haar af zullen breken indien de staat geen verregaande maatregelen tot discriminatie neemt. Voor Wilders en zijn achterban staat het Nederlanderschap van een moslim principieel ter discussie. De moslim is een vreemd element in de Nederlandse samenleving: een doorn in het vlees. Zoals bovenstaande voorbeelden duidelijk maken, valt dat bepaald geen onschuldige campagne te noemen.

Marbe stelt haar prioriteiten dan ook verkeerd wanneer ze de politieke pyromaan Wilders in bescherming neemt, en haar pijlen richt op de krachteloze politieke corporaties die het onderhoud van de lekkende gasleidingen op z’n beloop laten, of op de vrijwillige brandweer die op hoge toon eist dat de brandstichter zijn lucifers worden ontnomen. Met haar pleidooien is de columniste zo’n tien jaar abuis. Ze blijft hardnekkig in het tijdperk Fortuyn steken, ergens halverwege tussen de demonisering door Marcel van Dam (“U bent een buitengewoon minderwaardig mens”) en Thom de Graaf (“Hier vlakbij, op loopafstand, staat het Achterhuis…”).

Alsof de geest van Fortuyn niet over de kabinetten Balkenende II en III heeft gehangen (en alsof dat de integratie werkelijk heeft bevorderd). Maar met al zijn strijdlustige taal over de islam ging professor Pim nooit zover dat hij de vijfde colonne ook nog wilde identificeren en uitwijzen. Dat geldt voor Wilders, die openlijk spreekt over het deporteren van tientallen miljoenen moslims, wel anders. En dat maakt hem tot een gevaarlijke volksmenner. Zoals Peter R. De Vries illustreert, vereist het geen uitzonderlijk politiek inzicht om dat te zien. Dus wat is Marbe’s alibi om de andere kant op te kijken?

Prediker (oogst van 1976) ziet ook wel brood in een carrière als volksmenner, en gaat mikken op het latente ressentiment tegen Roemeense agitatoren en hun mistige proza.


Reacties gesloten. Reageren? Mail de redactie.

« home