Frontaal
Naakt
25 oktober 2017

Nee heb je, ja kun je krijgen

Peter Breedveld

Ik ben echt walgelijk braaf. Nooit mijn zin doorgedreven bij een vrouw, nooit in billen geknepen of borsten betast, altijd netjes gevraagd of ik haar mocht zoenen. Meteen mijn verontschuldigingen aangeboden toen mijn hand eens per ongeluk de bil van een vrouw voor me in de rij van de kassa aanraakte. “Ik wou al zeggen”, antwoordde ze met een kop als een oorwurm. “I don’t like it.” Ik had een instant hekel aan haar. “I like it even less”, zei ik.

Vrouwen heel lang recht aankijken, ik heb het nooit gedurfd. Ik zag het andere mannen doen en vond het gênant. Ik heb mannen ook vlak achter vrouwen op de dansvloer zien springen, hun onderlichaam vlak langs de billen van hun slachtoffer schuddend. Ik piekerde er niet over, maar ik zag ze er wel succes mee hebben. Zij gingen altijd met iemand naar huis, ik eindigde meestal alleen in bed.

Ik ben ook wel tegen het slome aan. Een vrouw die overduidelijk iets met me wilde, bracht me na een avondje film in haar auto naar huis en we bleven lang voor mijn appartement staan. “Je bent erg kat-uit-de-boom-kijkerig, hè?” zei ze. Maar ik verdomde het haar mee naar binnen te vragen omdat ik met haar samenwerkte en geen zin had om het onderwerp van roddels op de werkvloer te worden. Bovendien had ze in de bioscoop gevraagd, nadat de trailer van Bram Stoker’s Dracula was vertoond: “Zouden zulke mensen nou echt bestaan?” En ik brak me het hoofd of ze me nou in de zeik nam of echt zo onnozel was.

Blauwtje lopen

De meeste mannen zijn voortvarender en gedragen zich als opdringerige honden. Ik heb dat altijd beneden mijn waardigheid gevonden. Twee van mijn innigste jeugdvrienden, broers van elkaar, waren daar nog veel stelliger in. “Ik verdom het om naar een vrouw toe te gaan”, zei één van hen. “Als een vrouw me leuk vindt, komt ze maar naar mij.” Hij weigerde het risico te lopen op een blauwtje om daarna achter zijn rug te worden uitgelachen. Ik ben het altijd met hem eens geweest. Ergens las ik eens dat jij de vrouw niet kiest, maar dat zij jou kiest. Nou, dan moet ze ook de eerste stap maar zetten.

Maar het initiatief word jij als man geacht te nemen en een brutaal mens heeft de halve wereld, zeggen onze moeders altijd. Mijn moeder zei: “Nee heb je, ja kun je krijgen.” Ik moet eerlijk gezegd grinniken om die brave borsten met hun ontboezemingen over de misstappen die ze hebben begaan toen ze dat principe in de praktijk brachten: naar een vrouw gekeken, iets over haar uiterlijk gezegd, zich niet meteen hebben laten afpoeieren. En je mag het niet bagatelliseren, maar ik doe het toch: in NRC klaagde een vrouw dat haar baas iets over haar kleding had gezegd. Hal-lo! Hardly Harvey Weinstein, waag ik te opperen.

Ik heb één keer, in mijn studententijd, een compliment gemaakt over de jurk van een vrouwelijke student. Hé, wat kan ik zeggen, ik vond het een mooie jurk. De bak agressie, die ik toen over me heen kreeg, overigens niet van haar, maar van de vrouwen die bij haar stonden, hebben me wel afgeleerd om zoiets ooit nog in mijn hoofd te halen.

Menstruatiegrapjes gemaakt

Nu zit ik ‘s morgens in de trein regelmatig met een vriendin, die me eens verweet nooit iets over haar uiterlijk te zeggen. Dus ik zeg tegenwoordig nadrukkelijk: “Wat een leuk truitje!” “Wat een sexy schoenen heb je aan!” De andere passagiers kijken angstig mijn kant uit. Daar gaat-ie niet mee wegkomen!

Een boel mannen hebben geen zin om geslachtelijk geprofileerd te worden vanwege de misstappen van een aantal seksegenoten, en klagen verongelijkt dat niet alle mannen grenzen overschrijden. Andere mannen wijzen ze streng terecht: “Altijd evenveel verdiend als je vrouwelijke collega’s? Nooit grensoverschrijdend gedrag van een man stilzwijgend toegelaten of goedgepraat? Nooit je beledigd gevoeld omdat je kritiek kreeg van een vrouw, nooit een vrouw over-emotioneel genoemd, nooit menstruatiegrapjes gemaakt? Nooit door ze heen gesproken? Nooit sceptisch gereageerd op de verhalen van vrouwen?”

Om af te sluiten met een vroom: “Alle mannen, ja.”

Kabinet opblazen

Hell yeah, ik heb weleens een vrouw onderbroken als ik vond dat ze nou wel lang genoeg aan het onzin-spuien was, en ik heb ook vrouwen ‘over-emotioneel’ genoemd, al zou ik dat woord nooit gebruiken. Ik zeg altijd “hysterisch”. Dat vind ik nou typisch van toepassing op bijvoorbeeld Annabel Nanninga. En Wierd Duk. En ik ga er vanuit dat iedereen tegen me liegt, dus ja #Ihave sceptisch gereageerd op de verhalen van vrouwen.

Ik heb nooit gevoetbald, dus ook nooit lockerroom-talk gehoord, laat staan er aan meegedaan. Ik maak nooit menstruatiegrapjes, maar ik heb laatst wel een geestige gehoord: “Don’t trust anyone who bleeds for seven days and doesn’t die.” Ik heb weleens een Kamerlid geslammed omdat hij een menstruatiegrapje over Lousewies van der Laan maakte: ‘Als ze ongesteld is, wil ze altijd het Kabinet opblazen’. Dat vind ik nou vrouwenonderdrukking. Niemand zal ooit iets zeggen over het irrationele gedrag van mannelijke Kamerleden met een volle zak. Over Lousewies van der Laan gesproken: die kreeg me toch een berg seksisme voor de kiezen! Door mannen én door vrouwen.

Publiekelijk boete doen

Een paar weken geleden zag ik de bloedstollende film United Red Army van regisseur Koji Wakamatsu, over de extreemlinkse activisten in het Japan van de jaren zeventig. Voordat het Japanse Rode Leger de revolutie kon ontketenen, moesten eerst de eigen gelederen worden gezuiverd van onzuivere elementen. Die lui martelden hun eigen kameraden totdat ze óf dood óf perfecte communisten waren. Daarbij werd constant geschreeuwd dat ze aan ‘sokatsu’ moesten doen. ‘Sokatsu dit!’ ‘Sokatsu dat!’ Ik heb me rot gezocht totdat ik de betekenis ervan vond in een boek over de Japanse militante beweging in die tijd. ‘Zelfkritiek’ is geen accurate vertaling, maar volgens mij close enough. De arme drommels sokatsuden zich de blaren op hun tong, maar het was nooit goed genoeg. “Je bent niet oprecht!” “Je houdt dingen voor ons achter!” “Je blijft een sneue bourgeois!” “Je bent een verrader van de revolutie!”

Daar doet dat #Ihave me aan denken, waarmee mannen op social media publiekelijk boete doen voor hun verwerpelijke gedrag jegens vrouwen. Roman Polanski zul je die hashtag niet snel zien gebruiken en de mannen van GeenStijl ook niet en Arthur van Amerongen ook niet, het zijn de mannen die het altijd al goed met vrouwen hebben voorgehad maar die zich nu schuldig voelen omdat ze wel eens een ongepast smsje hebben verstuurd of hadden aangedrongen: “Joh kom op, één drankje maar”, nadat de vrouw in kwestie al had bedankt voor een uitnodiging.

Humorloos puritanisme

Ook United Red Army vind ik het geloei vanwege een opiniestuk in de Volkskrant, eergisteren, van een vrouw die terecht kritische kanttekeningen plaatst bij het schandpalen van een getrouwde man die avances naar vrouwen had gemaakt, en het ‘humorloze eendimensionale puritanisme’ van de #Metoo-beweging. Mannen en vrouwen springen als razende harpijen op het stuk waarin seksuele intimidatie zou worden gebagatelliseerd en waarvan de strekking zou zijn dat vrouwen niet moeten zeuren. 1

Een enorme stropop die duidelijk maakt dat discussie niet gewenst is. Bek houden en ja knikken is het devies. Vooral schrijver Anke Laterveer en Joop-redacteur Hasna El Maroudi hebben zich ontpopt als genadeloze Moeder Oversten van de #Metoo-beweging, waarbij ook medestrijders onmiddellijk tot de orde geroepen worden wanneer ze uit de toon vallen.

Elk bezwaar dat je hiertegen inbrengt, wordt beantwoord met een streng “Er is een groot verschil tussen flirten en seksuele intimidatie.” Ook al een stropop, want niet iedereen, die vraagtekens zet bij #Metoo, klaagt dat flirten nu verboden wordt. Draag ik echt bij aan de onderdrukking door het patriarchaat als ik een vrouw onderbreek, daar gaat het om. Ben ik echt een seksistisch varken als ik zeg dat een collega een leuke jurk aan heeft. Hell, ik raak in paniek als ik de naam vergeten ben van de vrouw met wie ik vijf minuten sta te praten. Ik zou die op het naambordje kunnen lezen dat ze heeft opgespeld, alleen zit daar haar tiet onder en God verhoede dat ik de indruk zou wekken naar iemands borsten te staren.

Hekel aan mannen

Niemand, nou ja bijna niemand heeft een grotere hekel aan mannen dan ik. Voor mijn part wordt het patriarchaat liever vandaag dan morgen omvergeworpen maar het fanatisme waarmee nu wordt gejaagd op elke vermeend seksistische opmerking, iedere kritische kanttekening waarmee seksueel geweld gebagatelliseerd zou worden, de gretigheid waarmee iedereen weer op Woody Allen springt, die een film aan het maken is over een middelbare man die het met een tiener doet, die stukken ook die in The Guardian en The New York Times verschijnen: ‘Where do 50-year-old men get the strange impression that they could date a 23-year-old?’. Je ziet aan alles dat hier een nieuw puritanisme ontstaat waarbij niet alleen wordt gejaagd op aanranders en verkrachters, maar op iedereen die niet netjes met mes en vork neukt.

En dat moesten we maar niet laten gebeuren.

1. [Ik zag net een fragment uit de uitzending van Pauw van gisteravond, waarin de auteur stelt dat je mannen niet moet schandpalen als je niet kunt bewijzen dat ze onder je rokje hebben gezeten. Dat vind ik dan weer tricky. Aan de andere kant: veel van die #Metoo-vrouwen zullen wel op de principes van de rechtsstaat wijzen als je openlijk iemand beschuldigt van moord zonder dat je dat kunt bewijzen. Wanneer het om seksueel geweld gaat, zeggen ze opeens jeuk te krijgen van ‘feitenroepers’.]

Is het Vrije Woord u écht lief? Help me dan met een financiële bijdrage. Deze website wordt elke dag bedreigd door de virtuele knokploegen van Domrechts, malafide Nederlandse journalisten en zelfs door de vicepremier. Steun Frontaal Naakt. Doneer aan de enige dwarsdenkende, onafhankelijke site van Nederland. Stort wat u missen kunt op rekeningnummer NL59 RABO 0393 4449 61 (N.P. Breedveld, Rabobank Rijswijk), SWIFT BIC RABONL2U o.v.v. ‘Frontaal Naakt’. Lees hier waarom dat niet met PayPal kan. Nog liever heb ik dat u op Frontaal Naakt adverteert of mij inhuurt. Mail mij.

Peter Breedveld